fbpx
Landhuis en Parktuin Oosterhouw
Soort locatie
Buitenplaats


Website van het kasteel


Faciliteiten

Naast dat dit een bijzondere historische locatie is, vind je op deze locatie ook

Kaart
Landhuis en Parktuin Oosterhouw
Praktische Informatie
Soort locatie
Buitenplaats
Entree
Gratis entree. Rondleiding kost 3,50 euro
Activiteiten

Op deze dag presenteren wij ook de restauratieplannen voor de Parktuin.

Bijzonderheden

Het huis is gedeeltelijk open.
Beperkte parkeermogelijkheden voor auto’s.

Openingstijden
10:30 am - 4:30 pm
Opmerkingen

geen rondleidingen meer naar 15:00.

Website van het kasteel
Over dit object

Het landhuis
Het landhuis werd in 1868 gebouwd in opdracht van Notaris H. A. Spandaw. Het telt zo’n 13 kamers en is meer dan 410m2 groot. Het pand bevat nu onder andere de literaire bibliotheek van C.O. Jellema, de groene bibliotheek van K.T. Noordhuis, een inloop notariskluis uit 1912, een tuinkamer met wandschilderingen van Pieter Pander en een vleugelkamer. In de jaren 1912-1913 is er ingrijpend verbouwd, een groot deel van het pand is sindsdien onveranderd.

De originele architect van Oosterhouw is onbekend – mogelijk zijn de bouwtekeningen verloren gegaan. Wel zijn er blauwdrukken gevonden van een verbouwing in 1912-1913. Bij die verbouwing is waarschijnlijk de dakconstructie veranderd, het koetshuis uitgebouwd in Zwitserse chaletstijl en zijn er veel Art Nouveau elementen aangebracht zoals beschilderde plafonds en glas-in-lood ramen. Ook werden er, voor die tijd, luxe moderne uitbreidingen zoals centrale verwarming aangebracht. Een groot deel van het interieur is nog origineel uit de tijd van de bouw of stamt uit de periode van deze grote verbouwing.

Sinds de bouw is Oosterhouw meer dan 25 jaar per eigenaar in bezit geweest. Daardoor zijn er slechts een handvol eerdere bewoners. Het heeft eerst bijna 100 jaar dienst gedaan als notariskantoor en woning, daarna als dokterspraktijk en vervolgens als woning en buitenplaats.

De Parktuin
De originele landschapstuin van Oosterhouw is in de 20e eeuw decennia lang verwaarloosd geweest en als schapenweide gebruikt. Tuinarchitect Klaas T. Noordhuis bracht de tuin terug en ontwierp in het begin van de jaren ‘90 van de vorige eeuw een prachtige parktuin om de slingertuin heen, waarin het huis en de tuin elkaar versterken. De tuin kent vier stijlen, die allen bij de bouwperiode van het landhuis aansluiten. Zoals Klaas het zelf omschreef; ‘een ode aan drie eeuwen tuinkunst.’ Hij legde de tuin aan met uitsluitend periode correcte cultivars wat resulteert in een bijzonder stuk beleefbare tuin- en landschapsgeschiedenis.

De tuin was een belangrijk onderdeel van de notariswoningen in dit deel van Groningen. Een aangelegde tuin met exotische soorten was destijds een statussymbool en tegelijkertijd ook een oase voor ontspanning, vermaak, én de natuur. Tussen de kale akkers bood een dergelijke tuin beschutting voor wild en vogels; een waardevolle functie in het landschap die de parktuin ook vandaag vervult.

De Renaissancetuin
De eerste stijl van de tuin is de Renaissancetuin. Deze is aan de voorzijde van het huis gesitueerd en correspondeert met de Neoclassicistische bouwstijl van het hoofdgebouw. De stijl kenmerkt zich door de vele kniphagen en zichtlijnen. Het ontwerp bevat referenties naar alle classisistiche stijlen; van Renaissance tot Rococo en Barok. In de voortuin vinden we naast de strakke haagjes in complexe vormen ook een 150 jaar oude monumentale Treurbeuk (Fagus sylvatica ‘Pendula’), een bijzondere magnolia en zeldzame soorten stinzenplanten zoals het Haarlems Klokkenspel en de Dichtersnarcis. In de hoogtijd van de tuin bloeiden hier 70 verschillende soorten rozen die in het bouwjaar van het pand al in gebruik waren.

De Engelse Landschapstuin
Aan de achterzijde, dichtbij het huis bevindt zich de Engelse Landschapstuin. Deze 19e eeuwse tuinstijl hoort bij de periode van de bouw van het huis. Ondanks dat de tuin in het midden van de 20e-eeuw verwaarloosd werd zijn er verschillende elementen van deze ‘Groninger Slingertoen’ nog steeds bewaard gebleven, zoals de bult voor het theehuis, de monumentale Witte Paardenkastanje, de grote Treurbeuk (met de langste tak van Nederland!) en de Goudes Fraxinus excelsior ‘Aurea’. De landschapstuin heeft onder andere een kenmerkend wit theehuis in de vorm van een Turkse Tent. Men kon al wandelend over de slingerende paden genieten van veel zeldzame soorten rozen en stinzenplanten. Klaas Noordhuis heeft deze tuin naar haar waarschijnlijke vorm teruggebracht en verder aangevuld met 19e-eeuwse elementen. De Landschapstuin bevat daarom alleen soorten die al in de 19e eeuw gecultiveerd waren. Op deze bijzondere manier biedt de tuin een unieke inkijk in hoe een Groninger Slingertuin er in de 19e eeuw uit kan hebben gezien.

De Architectonische tuin
Dieper in de tuin bevindt zich de Architectonische tuin met een Oranjerie van ca. 80m2. Deze tuinkas is oorspronkelijk afkomstig uit de Hortus Botanicus van Utrecht. De Architectonische stijl correspondeert met de periode van de grote verbouwing van het landhuis uit de jaren 1912-1913. Tijdens de verbouwing werden Jugendstil en Art Deco elementen in het huis verwerkt. De verbouwing is de inspiratiebron geweest voor het architectonische deel van de tuin. Kenmerkend zijn de geometrische vormen, de lange zichtlijnen en hoge hagen. In dit gedeelte bevond zich van oorsprong ook een boomgaard, een Pompeiaanse spiegelvijver en een cricketveld.

Het Romantische Bos
Het achterste gedeelte van de parktuin is een Romantisch bos met Japanse invloeden. Tegen het einde van de 19e-eeuw was de Nederlandse fascinatie met Japan groot. Niet alleen in de beeldende kunst, maar ook in de tuinkunst. Het Romantische Bos heeft daarom ook Japanse invloeden. Er loopt slechts een enkel pad door dit gedeelte van de tuin. Langs de inmiddels in verval geraakte brug was hier ooit het Japanse meditatiepad over betonnen vlonders aan de zuidkant van de tuin bereikbaar. Japanse plantensoorten, kersenbomen en acers vergezellen de bezoeker op zijn meditatiewandeling.

Het bos heeft ook een belangrijke functie voor de natuur – het biedt beschutting aan onder andere houtsnippen, reeën, hazen en uilen. Dit gedeelte van de tuin correspondeert daarmee qua periode ook goed met het heden – de natuur krijgt de ruimte om te herstellen.

Kaart